1.600.000 tevreden klanten
Home > Geneesmiddelen (zonder voorschrift) > Verkoudheid > Neusspray - Neusdruppels > Otrivine Duo 0,5mg/ml+0,6mg/ml Neusspray 10ml

Otrivine Duo 0,5mg/ml+0,6mg/ml Neusspray 10ml

van Otrivine
Otrivine Duo 0,5mg/ml+0,6mg/ml Neusspray 10ml
7,43 

In voorraad!
Annuleren
  Aan mijn Favorieten toevoegen
Besteld voor 16u, morgen bij u geleverd of in 24u in afhaalpunt
Beschrijving

Otrivine Duo 0,5mg/ml+0,6mg/ml Neusspray 10ml

4.1 Therapeutische indicaties

Symptomatische behandeling van neuscongestie en rinorree in verband met verkoudheid.

2. KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE SAMENSTELLING

1 ml bevat 0,500 mg xylometazolinehydrochloride en 0,600 mg ipratr. bromide.

1 verstuiving (ongeveer 140 microliter) bevat 70 microgram xylometazolinehydrochloride en 84 microgram ipratr. bromide.

Voor een volledige lijst van hulpstoffen, zie rubriek 6.1.

3. FARMACEUTISCHE VORM

Neusspray, oplossing.

Heldere, kleurloze oplossing.

4.2 Dosering en wijze van toediening

Volwassenen: 1 verstuiving in elk neusgat 3-maal per dag.

De behandeling mag niet langer dan 7 dagen duren omdat chronische behandeling met xylometazolinehydrochloride zwelling van het neusslijmvlies en hypersecretie kan veroorzaken door een verhoogde gevoeligheid van de cellen, ”rebound effect” (rhinitis medicamentosa).

Kinderen en adolescenten jonger dan 18 jaar: Otrivine Duo 0.5/0.6 wordt niet aanbevolen voor het gebruik bij kinderen en adolescenten jonger dan 18 jaar vanwege onvoldoende gegevens.

Geriatrische patiënten
Otrivine Duo 0.5/0.6 werd niet onderzocht bij geriatrische patiënten ouder dan 70 jaar.

Kenmerken:
Merk Otrivine
Categorie Neusspray - Neusdruppels
Prijs 7,43 €
Gewicht 32 gr
Contra-indicaties - Bijwerkingen

4.3 Contra-indicaties

Overgevoeligheid voor de werkzame bestanddelen of voor één van de hulpstoffen.
Gekende overgevoeligheid voor atropine of gelijksoortige stoffen, bijv. hyoscyamine en scopolamine.
Na heelkundige ingrepen waarbij de dura mater geopend werd, bijv. transsfenoïdale hypofysectomie of andere transnasale operaties.
Bij patiënten met glaucoom.

4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik

Otrivine Duo 0.5/0.6 moet met omzichtigheid worden toegediend aan patiënten die voorbeschikt zijn voor geslotenhoekglaucoom of patiënten met prostaathypertrofie en stenose van de blaasuitgang.

Patiënten moeten er op gewezen worden dat ze moeten vermijden om Otrivine Duo 0.5/0.6 in of rond de ogen te spuiten. Indien Otrivine Duo 0.5/0.6 in contact komt met de ogen, kan het volgende gebeuren: tijdelijk troebel zicht, irritatie, pijn, rode ogen. Er kan ook verergering van geslotenhoekglaucoom ontstaan. De patiënt moet geïnformeerd worden dat de ogen met koud water moeten gespoeld worden indien Otrivine Duo 0.5/0.6 rechtstreeks in contact komt met de ogen en om een dokter te raadplegen bij pijn aan de ogen of bij troebel zicht.

Voorzichtigheid is geboden bij patiënten die voorbeschikt zijn voor epistaxis (bijv. bejaarden), paralytische ileus of cystische fibrose.

Otrivine Duo 0.5/0.6 moet met voorzichtigheid gebruikt worden bij patiënten die gevoelig zijn voor adrenergica omdat dit tot symptomen kan leiden, zoals slaapstoornissen, duizeligheid, tremor, hartritmestoornissen of hypertensie.

Voorzichtigheid is geboden bij patiënten met hyperthyroïdie, diabetes mellitus, hypertensie, cardiovasculaire aandoeningen of feochromocytoom.

4.6 Zwangerschap en borstvoeding

Zwangerschap
Erzijn geen toereikende gegevens over het gebruik van Otrivine Duo 0.5/0.6 bij zwangere vrouwen. Er is onvoldoende experimenteel onderzoek bij dieren gedaan naar de effecten op zwangerschap, ontwikkeling van het embryo/de foetus, de bevalling en de postnatale ontwikkeling. Het potentiële risico voor de mens is niet bekend. Otrivine Duo 0.5/0.6 dient niet tijdens de zwangerschap te worden gebruikt, tenzij strikt noodzakelijk.

Borstvoeding
Het is niet geweten of ipratr. bromide en xylometazolinehydrochloride met de moedermelk uitgescheiden worden. De systemische blootstelling aan ipratr. bromide en xylometazolinehydrochloride is laag. Daarom zijn effecten op de zuigeling weinig waarschijnlijk. De nood aan behandeling met Otrivine Duo 0.5/0.6 van de moeder en de voordelen van borstvoeding moeten afgewogen worden tegenover de mogelijke risico's voor de zuigeling.

4.8 Bijwerkingen

De volgende ongewenste effecten werden gemeld in gerandomiseerde klinische studies met Otrivine Duo 0.5/0.6. Eén van deze studies was placebogecontroleerd. De vaakst gemelde ongewenste effecten waren lokale reacties in de neus en hoofdpijn.



Naast de hierboven vermelde ongewenste effecten, werden bijwerkingen gemeld in verband met het gebruik van bereidingen die in de handel beschikbaar zijn en die één van de actieve bestanddelen van Otrivine Duo 0.5/0.6 bevatten, nl. xylometazolinehydrochloride en ipratr. bromide:

De volgende bijwerkingen werden gemeld in verband met toediening van xylometazolinehydrochloride (Zymelin):



De volgende bijwerkingen werden gemeld in verband met toediening van ipratr. bromide (Atrovent neusspray):

Overdosering - Interacties

4.7 Beïnvloeding van de rijvaardigheid en het vermogen om machines te bedienen

Otrivine Duo 0.5/0.6 heeft geen of een verwaarloosbare invloed op de rijvaardigheid en op het vermogen om machines te bedienen.

4.9 Overdosering

Overdosering door orale of overmatige topische toediening van xylometazolinehydrochloride kan ernstige duizeligheid, zweten, sterk verlaagde lichaamstemperatuur, hoofdpijn, bradycardie, hypertensie, ademhalingsonderdrukking en coma veroorzaken. Hypertensie kan gevolgd worden door hypotensie. Kleine kinderen zijn gevoeliger voor toxiciteit dan volwassenen. Symptomatische behandeling door een arts.

Omdat de resorptie na nasaal of oraal gebruik zeer klein is, is acute overdosering met intranasale ipratr. bromide nauwelijks mogelijk. In geval van overdosering bestaat het klinisch beeld uit droge mond, accommodatiestoornissen en tachycardie. De behandeling is symptomatisch.

Belangrijke overdosering kan anticholinerge symptomen van het centraal zenuwstelsel veroorzaken, zoals hallucinaties, en moet behandeld worden met cholinesteraseremmers.

6.1 Lijst van hulpstoffen

Dinatriumedetaat
Glycerol (85 percent)
Zoutzuur (om de pH op peil te brengen)
Natriumhydroxide (om de pH op peil te brengen)
Gezuiverd water

4.5 Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie

Monoamineoxidaseremmers(MAO-remmers): Gelijktijdig gebruik van sympathicomimetica kan ernstige bloeddrukstijgingen veroorzaken en is bijgevolg niet aanbevolen. Sympathicomimetica zorgen voor de vrijzetting van catecholamines, wat leidt tot een belangrijke vrijzetting van noradrenaline, wat leidt tot vasoconstrictie en zo tot hypertensie. Bij kritieke bloeddrukstijging moet de behandeling met Otrivine Duo 0.5/0.6 gestaakt worden en moet de hypertensie behandeld worden.

Tri- en tetracyclische antidepressiva: Gelijktijdig gebruik van tricyclische antidepressiva en van sympathicomimetica kan leiden tot een toegenomen sympathicomimetisch effect van xylometazoline en is bijgevolg niet aangewezen.

Gelijktijdige toediening van andere anticholinergica kan het anticholinerg effect versterken.

De bovenstaande interacties werden bestudeerd voor beide actieve bestanddelen van Otrivine Duo 0.5/0.6 apart en niet voor de combinatie.

Er is geen onderzoek naar interacties met andere stoffen uitgevoerd.

6.2 Gevallen van onverenigbaarheid

Niet van toepassing.

Dit is een geneesmiddel, geen langdurig gebruik zonder medisch advies, bewaren buiten bereik van kinderen, lees aandachtig de bijsluiter. Vraag raad aan uw arts of apotheker. In geval van bijverschijnselen, neem contact met uw huisarts.